menu

Sint-Maarten - Daar rijdt door de avond

1
Daar rijdt door de avond een ridder te paard,
Zo wijd hangt zijn mantel, tot over zijn zwaard.
't Is ridder Sint Maarten op weg naar de stad,
Soldaat van de koning, met God in zijn hart,
Soldaat van de koning, met God in zijn hart.
2
Een bedelaar ziet hem, luid roept hij hem aan:
O Maarten heb medelij en blijf bij mij staan!
Wat doet nu Sint Maarten op weg naar de stad?
Soldaat van de koning, met God in zijn hart,
Soldaat van de koning, met God in zijn hart.
3
Hij heeft niets te geven, geen geld en geen brood;
Hij heeft slechts zijn mantel die wijd is en groot.
Wat doet nu Sint Maarten, op weg naar de stad?
Soldaat van de koning, met God in zijn hart,
Soldaat van de koning, met God in zijn hart.
4
Hij snijdt nu zijn mantel in tweeën uiteen;
De helft krijgt de bedelaar heel warm om zich heen.
En voort rijdt Sint Maarten, op weg naar de stad,
Soldaat van de koning, met God in zijn hart,
Soldaat van de koning, met God in zijn hart.
5
En 's nachts heeft Sint Maarten een groots droomgezicht,
Hij ziet daar de bedelaar in't hemelse licht.
En dan weet Sint Maarten wie kruiste zijn pad:
Zijn God en zijn koning, die leeft in zijn hart,
Soldaat van de koning, met God in zijn hart.

Zie ook de originele versie: 'Saint Martin', N. Fulstow

Vertaald uit het Engels: B. Gradenwitz

Couplet 5
Slot couplet 5

bekijk de bladmuziek

bekijk de bladmuziek als pdf

download de bladmuziek als pdf